Acupunctuur

Acupunctuur beknopt
Acupunctuur uitgebreid (naar beneden)


Acupunctuur beknopt

Acupunctuur is een geneeswijze, die ontstaan is in China. Al in 2800 voor Christus beschreef men de toepassing van de acupunctuur. Acupunctuur komt van Acus=naald en Pungere=steken, letterlijk betekent het dus "naaldstekerij”. Vroeger werd acupunctuur voornamelijk preventief (dus om te voorkomen dat men ziek werd) toegepast, tegenwoordig vooral als therapie.
De Chinezen hebben over de acupunctuur een eigen filosofie. De zgn. "klassieke acupunctuur” beschrijft de Chinese denkwijze. Chinezen gaan er van uit dat een gezond lichaam in energie-evenwicht is. Yin en Yang symboliseren deze energiebalans. Hier ziet u het Yin-Yang teken:



Yin staat voor het donkere deel, het negatieve, het energietekort, het "vrouwelijke”. Yang staat voor het lichte deel, het positieve, het energieteveel, het "mannelijke”. In elk lichaam bevindt zich zowel Yin als Yang.

 

 
De levensenergie, Tchi genaamd, stroomt door banen in het lichaam. Deze banen worden meridianen genoemd. Als de energie goed rond stroomt, is een lichaam in energie evenwicht. Als de energiestroom wordt verstoord ontstaan er ziektes. Bij ziekte kan er sprake zijn van een energietekort en/of een energieteveel. Dit is niet moeilijk voor te stellen: moeheid, koude ledematen, ernstige haaruitval, futloosheid, veel slapen, verlammingsverschijnselen, artrose etc. zijn voorbeelden van een energietekort. Bij een energieteveel kan worden gedacht aan ontstekingen, zweten, roodheid etc.
Hoe kan een ziekte nu worden genezen? Bij een energieteveel moet de energie worden afgevoerd en bij een energietekort moet de energie juist worden aangevuld. Dit kan worden bereikt door in de zogenaamde acupunctuurpunten, die op de meridianen liggen, naalden te prikken. Hierdoor kan de levensenergie verschoven worden. De acupunctuurbehandeling zorgt er voor dat er weer een energie-evenwicht ontstaat. En een lichaam in energie-evenwicht is een gezond lichaam!
Naast de "klassieke acupunctuur” is hier in het westen de "moderne acupunctuur” ontstaan.
In de reguliere diergeneeskunde is het belangrijk om aan de hand van uitgebreid onderzoek te bewijzen, dat een bepaald middel werkt. Door middel van allerlei onderzoeken heeft men de werking van diverse acupunctuurpunten kunnen aantonen. Acupunctuur is dus helemaal niet zo alternatief! Het werkt heel goed en dat blijkt wel uit het feit, dat diverse dierenverzekeringsmaatschappijen de acupunctuurbehandelingen geheel of gedeeltelijk vergoeden.
 
 
 
 
Moderne acupunctuur en wetenschappelijk onderzoek (naar beneden)
Toepassingsmogelijkheden (naar beneden)
Voor welke aandoeningen is acupunctuur te gebruiken? (naar beneden)
 
Acupunctuur is een geneeswijze, die ontstaan is in China. Al in 2800 voor Christus beschreef men de toepassing van de acupunctuur. Acupunctuur komt van Acus=naald en Pungere=steken. Letterlijk betekent Acupunctuur dus "naaldstekerij”. Vroeger werd acupunctuur voornamelijk preventief toegepast, tegenwoordig juist voornamelijk als therapie. De Chinezen hebben over de acupunctuur een eigen filosofie. Omdat de Chinese cultuur totaal verschillend is van de westerse, is het voor westerlingen niet gemakkelijk deze filosofie te begrijpen. Daarom ook is er hier in het westen veel onderzoek naar de werking van de acupunctuur gedaan.
 

Klassieke acupunctuur

De zogenaamde "Klassieke acupunctuur” beschrijft de Chinese denkwijze. Hierbij gaat men er van uit, dat een gezond lichaam in energie-evenwicht is. Bij ziekte is er sprake van een energietekort en/of een energieteveel. Voorbeelden van een energietekort zijn: moeheid, ernstige haaruitval, futloosheid, veel slapen, verlammingsverschijnselen, artrose etc. Bij een teveel aan energie kan er sprake zijn van roodheid, zweten, knallende hoofdpijn, rode hoofden etc. Hoe is dit nu te genezen? Bij een energieteveel moet de energie worden afgevoerd en bij een energietekort moet de energie juist worden aangevuld.
De levensenergie, Tchi genaamd, stroomt door banen in het lichaam. Deze banen worden meridianen genoemd. Op deze banen liggen punten. Dit zijn de zogenaamde acupunctuurpunten. Door nu bepaalde punten aan te prikken, is de levensenergie te verschuiven.
Belangrijke meridianen zijn de zogenaamde 12 hoofdmeridianen. Deze meridianen hebben namen van organen gekregen. In de onderstaande tabel zijn de namen van de hoofdmeridianen aangegeven en het aantal acupunctuurpunten dat zich op die meridiaan bevindt.
 

meridiaan

Relatie met orgaan

aantal acupunctuurpunten

Ha

hart

9

Du

dunne darm

19

Bla

blaas

67

Ni

nier

27

Kri

kringloop (~bloedsomloop)

9

Dri

drievoudige verwarmer (~energie die vrijkomt uit de voeding)

23

Ga

galblaas

44

Le

lever

14

Lo

longen

11

Di

dikke darm

20

Ma

maag

45

Mi

milt

21

 
Volgens een vaste volgorde loopt de Tchi door deze meridianen heen. In 24 uur is de levensenergie door al deze meridianen gegaan. De energie stroomt via de Hart meridiaan, Dunne darm meridiaan, Blaas meridiaan, Nier meridiaan, Kringloop meridiaan, Drievoudige verwarmer meridiaan, Galblaas meridiaan, Levermeridiaan, Long meridiaan, Dikke darm meridiaan, Maag meridiaan naar de Milt meridiaan. Van daaruit gaat de energie weer naar de Hart meridiaan.

Deze hoofdmeridianen bevinden zich zowel in de linker helft van het lichaam als in de rechter helft. Ze lopen gespiegeld ten opzichte van elkaar.

De Hart meridiaan loopt van de borst naar de voorvoet.
De Dunne darm meridiaan loopt van de voorvoet naar het hoofd.
De Blaasmeridiaan loopt van het hoofd naar de achtervoet.
De Nier meridiaan loopt van de achtervoet naar de borst.
De Kringloop meridiaan loopt van de borst weer naar de voorvoet.
De Drievoudige verwarmer meridiaan loopt van de voorvoet naar het hoofd.
De Galblaas meridiaan loopt van het hoofd naar de achtervoet.
De Lever meridiaan loopt van de achtervoet naar de borst.
De Long meridiaan loopt weer van de borst naar de voorvoet.
De Dikke darm meridiaan loopt van de voorvoet naar het hoofd.
De Maag meridiaan loopt van het hoofd naar de achtervoet.
De Milt meridiaan loopt van de achtervoet naar de borst.


 
Er is een duidelijk patroon zichtbaar. De Hartmeridiaan loopt, net als de Kringloop meridiaan en de Long meridiaan van de borst naar de voorvoet. Zij lopen dus dezelfde richting uit, maar lopen wel op andere plaatsen van de borst naar de voorvoet. Bij de andere meridianen kun je ook zien, dat dezelfde richting wordt gevolgd, maar ook daar geldt, dat de banen op andere plaatsen lopen. Kort samengevat, kun je zeggen dat:

• Ha-Kri-Lo: lopen van borst naar voorvoet
• Du-Dri-Di: lopen van voorvoet naar hoofd
• Bla-Ga-Ma: lopen van hoofd naar achtervoet
• Ni-Le-Mi: lopen van achtervoet naar borst

Naast de hoofdmeridianen kent men ook de zogenaamde twee wondermeridianen. Deze worden Jenn Mo en Tou Mo genoemd. Jenn Mo loopt op de middenlijn aan de buikzijde en Tou Mo loopt juist op de middenlijn aan de rugzijde. Zij vormen samen de kleine energie omloop.

Een gezond lichaam is in energie balans. Yin en Yang symboliseren deze energiebalans.
Het Yin en Yang teken kent iedereen vast wel:



Yin staat voor het donkere deel, het negatieve, het energietekort, het "vrouwelijke”. Yang staat voor het lichte deel, het positieve, het energieteveel, het "mannelijke”. Elk lichaam bevat evenveel Yin als Yang. Om nu een totaal evenwicht te symboliseren zie je op het Yin- Yang teken, dat er Yin (kleine zwarte cirkel) in Yang zit en Yang (kleine witte cirkel) in Yin.

Hoe houden de meridianen nu verband met elkaar?
De Chinezen onderscheiden 5 elementen, namelijk: VUUR, AARDE, METAAL, WATER en HOUT.

Bij elk van deze elementen behoren meridianen. De Yinmeridianen staan aan de binnenzijde van het figuur, de Yangmeridianen staan aan de buitenzijde.
 
 
 

Zoals te zien is, zijn Ha, Kri, Mi, Lo, Ni en Le de Yin meridianen. Deze lopen op het lichaam aan de buikzijde en aan de binnenzijde van de ledematen.
Du, Dri, Ma, Di, Bla en Ga zijn de Yang meridianen. Zij lopen op het lichaam aan de rugzijde en aan de buitenzijde van de ledematen.

Het lichaam wordt voorgesteld als een weerspiegeling van het omniversum. Zoals de elementen verband houden met elkaar, zo houden ook de organen in het lichaam verband met elkaar. Voor ons is te begrijpen, dat bijvoorbeeld de Blaas-en Nier-meridiaan onder het element WATER vallen. Dat de Hart- en Kringloop-meridiaan(denk aan Bloedsomloop) bij het element VUUR horen, is ook nog wel te begrijpen. Maar de rest wordt een stuk lastiger. Wat hebben de Galblaas- en levermeridiaan met het element HOUT te maken?
Dit deel van de klassieke acupunctuur moeten we dus aannemen.

De vijf elementen houden door middel van drie cycli verband met elkaar.
Deze cycli zijn:
1.SHENG-cyclus
2.KO-cyclus
3.MO-cyclus
  
 
 
 
 
  1. De SHENG-cyclus: Het VUUR (denk aan de oerknal) bracht de AARDE voort. De AARDE bevat METAAL. METAAL zit in WATER en brengt dit dus voort. Het WATER zorgt voor voeding van de bomen en brengt dus HOUT voort en als HOUT wordt aangestoken ontstaat er weer VUUR. Zie de cirkel in het figuur (blauw).
  2. De KO-cyclus: De Kontrole-cyclus. Ook volgens deze cyclus hebben de elementen een relatie met elkaar. VUUR smelt het METAAL, METAAL (een bijl bijvoorbeeld) hakt HOUT, HOUT bedekt (=controleert) de AARDE, AARDE controleert het WATER (denk aan de duinen) en het WATER beheerst het VUUR (groen).
  3. De MO-cyclus: Dit is de cyclus der verachting. Deze cyclus loopt tegen de KO-cyclus in. De MO-cyclus gaat lopen als de Kontrole-cyclus verstoord is, dus als bijvoorbeeld het VUUR zo hevig is, dat het WATER het niet blussen kan of als het METAAL te bot is om het HOUT te hakken. In dit geval is er dus sprake van een ziekteproces (rood).
De meridianen, die bij de elementen geplaatst staan, hebben op dezelfde manier een relatie met elkaar. Als je bijvoorbeeld naar de SHENG-cyclus kijkt, zie je dat de energie van het element AARDE naar het element METAAL loopt. De Yangmeridiaan bij AARDE is de Maagmeridiaan en bij METAAL is de Yangmeridiaan de Dikke-darmmeridiaan.
Door bepaalde acupunctuurpunten op de Maagmeridiaan te stimuleren, kan de energie gestuurd worden naar de Dikke-darmmeridiaan. Een ander voorbeeld, weer volgens de SHENG-cyclus: Door acupunctuurpunten op de Longmeridiaan te stimuleren kan de energie gestuurd worden naar de Niermeridiaan.

Er zijn nog veel andere manieren om de acupunctuurpunten, die je bij een bepaalde aandoening wilt aanprikken, te kiezen. Waar het uiteindelijk allemaal op neer komt, is het herstellen van de energiebalans. Want dan is er sprake van een gezond lichaam!

De acupunctuurpunten hebben allemaal een naam gekregen. Bijvoorbeeld: Ga 30. Dit is dan het 30e punt op de Galblaasmeridiaan. Bla 60 is dus het 60e punt op de Blaasmeridiaan. In diverse boeken zijn afbeeldingen opgenomen om aan te geven, waar de acupunctuurpunten liggen en hoe de meridianen lopen.
 
 

 

Naast de klassieke acupunctuur kent men ook de zogenaamde moderne acupunctuur. In de westerse, medische wereld geloofde men niets van de Chinese filosofie. Toch zagen de medici, dat patiënten door middel van acupunctuur beter werden. Als acupunctuur nep is, zou dat toch niet kunnen. Kortom wetenschappelijk onderzoek was nodig! Gelukkig is er heel wat onderzoek gedaan, maar gezien de kosten, die onderzoek met zich meebrengt, is nog lang niet alles onderzocht. Toch wil ik een aantal onderzoeksresultaten melden, juist om te laten zien, dat er bij een behandeling met acupunctuur veel gebeurt in het lichaam.

ENDORFINES
Als een acupunctuurpunt wordt gestimuleerd met een naald wordt deze prikkel door zenuwen doorgegeven aan het ruggenmerg. Van daaruit gaat de prikkel door naar de hersenen. In de hersenen komt er een stof vrij, die een morfineachtige werking heeft. Omdat de stof door het eigen lichaam wordt gemaakt, spreekt men wel van endogeen morfine=endorfine.
Deze stof heeft een pijnstillende, rustgevende, slaapverwekkende, "lekker voelende”werking. Acupunctuur wordt daarom ook vaak als prettig ervaren. Veel honden vallen als het ware in slaap tijdens de behandeling!

Inmiddels wordt in het westen wel geaccepteerd, dat acupunctuur deze effecten heeft. Daarom wordt –ook nu nog steeds- door veel mensen gezegd, dat acupunctuur "alleen maar pijnstillend is”. En dat is maar voor een gedeelte juist. Acupunctuur is pijnstillend, maar er gebeurt nog veel meer!

TOU MO 26
Dit punt ligt bij de hond op de neusspiegel, halverwege de "verticale groeve”. Het ligt bij de mens tussen neus en bovenlip, ook halverwege. Een enorm belangrijk punt, want door dit punt te stimuleren (al doe je dat met een nagel) prikkel je het hart, waardoor dit krachtiger en sneller gaat pompen. Ook de doorbloeding van de hersenen en de longen wordt gestimuleerd.
Een belangrijk punt dus bij noodsituaties. Denk aan een hond, die is flauw gevallen, of is aangereden. Pas wel op een hapbeweging  in geval van een epileptische aanval!
 


 
BLA 23
Dit is het 23e punt op de blaasmeridiaan. Het ligt bij de hond naast de middellijn tussen de dwarsuitsteeksels van de tweede en derde lendenwervel. Bewezen is dat de cortisol-spiegel (de bijnieren maken deze stof, die ook wel bekend staat als bijnierschorshormoon of corticosteroid) in het bloed stijgt, door prikkeling van deze punten. BLA 23 ligt zowel links als rechts van de mediaanlijn.
Een heel belangrijk punt bij bijvoorbeeld bewegingsproblemen. Zoals iedereen wel zal weten, wordt er vaak "prednisolon”of een prednisolon-achtige stof gegeven bij bewegingsproblemen (bijv Moderin, Cortaphen). Deze gaan ontstekingen tegen en hebben op die manier een positief effect op allerlei vormen van o.a. gewrichtsaandoeningen. Helaas hebben deze stoffen ook vaak nogal wat bijwerkingen. De vacht heeft ervan te lijden en de eetlust neemt enorm toe, zodat honden te dik worden. Ook neemt het drinken toe en kunnen de honden urine-incontinent worden. Uiteindelijk tast een teveel aan bijnierschorshormonen ook spierweefsel, huid en orgaansystemen aan. Kortom, dit middel zou het beste zo kortdurend en zo min mogelijk gegeven moeten worden.
Daarom is BLA 23 zo'n interessant punt. Het stimuleert de eigen bijnier om cortisol te maken. Dat is nooit teveel en bovendien ook van eigen makelij! Op deze manier kun je op een zo gezond mogelijke manier toch iets doen aan bewegingsproblemen.

Nog veel andere punten zijn op wetenschappelijke wijze onderzocht. Zo is er dus veel kennis vergaard over de werking van acupunctuur. Ook de doorbloeding van bepaalde gebieden wordt verbeterd. Om resultaten te boeken is het wel belangrijk, dat een aantal zenuwen nog functioneren. Een echte dwarslaesie is ook met acupunctuur niet te genezen. Maar een hond met een hernia, waarbij ook vaak ruggenmergzenuwen bekneld zijn, is vaak tot complete genezing te brengen. Ook zijn er aanwijzingen, dat acupunctuur een positief effect heeft op de algemene weerstand.

Zoals ik al heb opgemerkt is door geldgebrek lang nog niet alles onderzocht, maar inmiddels is wel duidelijk, dat acupunctuur een mooie aanvulling is op de reguliere diergeneeskunde. Uiteindelijk is de acupunctuur niet voor niets opgenomen in veel ziektekostenverzekeringen!

Daarom vind ik ook, dat van alle therapieën die er mogelijk zijn, de beste voor het dier moet worden gekozen. En dat kan de ene keer "regulier” zijn en de andere keer "alternatief”! Er zijn immers vele wegen, die naar Rome leiden!

Toepassingsmogelijkheden  (naar boven) 

Acupunctuurpunten kunnen op verschillende manieren worden geprikkeld. Onderstaand zullen een aantal manieren worden beschreven.

1. Acupressuur

Hierbij wordt met de hand of een voorwerp op het acupunctuurpunt gedrukt. Dit kan door middel van diverse massagetechnieken worden gedaan. In ieder geval wordt er niet in de huid geprikt. Het is een therapie, die thuis toe te passen is. Het werkt niet zo diepgaand als acupunctuur, maar het brengt zeker wel een positieve reactie teweeg.

2. Acupunctuur

Nu wordt het acupunctuurpunt wel aangeprikt. Dit kan met een roestvrije naald, maar ook met een gouden of zilveren naald gebeuren. Zelf gebruik ik altijd roestvrijstalen acupunctuurnaalden. Deze zijn voor eenmalig gebruik en natuurlijk stuk voor stuk steriel verpakt. Je hebt ze in verschillende lengte- en breedtematen. Welke je kiest hangt af van het dier en de plaats waar gestoken moet worden.

3. Electro-acupunctuur

Nadat een naald in een acupunctuurpunt is geplaatst kun je deze naald elektrisch stimuleren.


4. Moxeren.

Je kunt dit op twee manieren toepassen. Moxa is gemaakt van Artemisia vulgaris, ook wel Bijvoet genoemd. Dit is een kruid dat aangestoken kan worden.
Meestal is het geperst in een soort sigaar.
Hier kun je plakjes van snijden, die op de acupunctuurnaald worden geschoven. Door het plakje aan te steken (als wierook) wordt de naald verhit en daarmee de patiënt. Ook kun je de moxa-sigaar rechtstreeks naar het acupunctuurpunt brengen en direct de huid verwarmen, maar met haren is dat toch een stuk minder handig!
 
 



Artemisia vulgaris, hier zie je de moxa sigaar


 
5. Acu-injectie

Hierbij wordt in het acupunctuurpunt een stof gespoten, bijvoorbeeld een homeopathisch middel.

6. Laserstralen

Door middel van laser kunnen acupunctuurpunten worden geprikkeld. Er zijn diverse soorten laserapparaten. Voordeel is, dat het goed te gebruiken is bij bijvoorbeeld kinderen en katten. De behandeling is zo klaar. Nadeel is, dat het niet zo'n diepgaande werking heeft als de acupunctuur.

7. Magneetpleisters

Magneten kunnen door hun magnetisme ook acupunctuurpunten prikkelen. Daarom zijn er pleisters te koop, waarin een magneetje zit. Door deze pleisters op het acupunctuurpunt te plakken prikkel je dus een punt. Bij honden is dit een totaal ongeschikte therapie. De magneten zullen dan zeker de maag prikkelen!

Van de bovenstaande mogelijkheden geef ik de voorkeur aan acupunctuur, omdat de resultaten bijzonder goed zijn en er geen nadelige effecten optreden.
 
 

In principe zou je kunnen zeggen dat acupunctuur voor bijna alle aandoeningen mogelijk is, maar…… per aandoening moet je als dierenarts afwegen wat de beste methode is. Bij bijvoorbeeld botbreuken, gal- en/ of blaasstenen, ernstige infecties of gezwellen geef ik de voorkeur aan een andere behandeling. Door jarenlange ervaring in mijn praktijk zie ik zeer goede resultaten bij:

1. Bewegingsproblemen

Heel vaak behandel ik honden, katten en konijnen met bewegingsproblemen. De klachten variëren van kreupel lopen tot en met niet meer kunnen lopen. Zeer goede resultaten zie ik bij onder andere hernia, spondylosis, artrose, OCD en heupdysplasie.
 

2. Huidklachten

Naast de bewegingsproblemen komen er op mijn spreekuur ook veel dieren met huidklachten. Naast homeopathische en eventueel voedingsadviezen, pas ik ook acupunctuur toe. Met name bij kale gebieden of gebieden met flinke littekens zijn de resultaten verbluffend.

 
 
3.Maagdarmproblemen.

Dieren, die klachten hebben van het maagdarmkanaal, zoals krampen, winderigheid, diarree en/of braken, zijn goed met acupunctuur te behandelen.

4. Urine-incontinentie

Dit komt veel voor, vooral bij teven, die op jonge leeftijd gecastreerd zijn, maar tegenwoordig zie ik het ook wel bij gecastreerde reuen. Door acupunctuur is een groot deel van deze honden te behandelen.


 
5. Doorbloedingsstoornissen

Als er bepaalde gebieden van het lichaam niet goed doorbloed zijn, kun je door middel van acupunctuur de doorbloeding weer stimuleren. Zo hebben dieren met zo'n zielig dun behaard staartje weer een volle staart gekregen. Ook dieren, die na een operatie een lelijke kale plek hadden, zijn weer behaard geworden. En zelfs bij een hond die bestraald was, met als gevolg een kale plek op zijn dijbeen, is de haargroei weer terug gekomen.

De haargroei werd gestimuleerd totdat ik de behandeling stopte, omdat de eigenlijke reden van de acupunctuurbehandelingen, namelijk een hernia, voldoende opgelost was.
Rick, een Labrador, kreeg nadat hij waarschijnlijk een injectie in ččn van de zenuwen van zijn dijbeen had gekregen, problemen met de doorbloeding van zijn linker achterbeen. Het gevolg was een zweervorming aan zijn voetzolen waarna een teen en een voetzool zijn geamputeerd. Toen de andere teen en zool ook begonnen af te sterven, riep de eigenaresse mijn hulp in. Door middel van acupunctuur hebben we geprobeerd de doorbloeding van de ondervoet te stimuleren. Dit is enorm goed gelukt. Het slepen verdween, de teen genas en uiteindelijk heeft de ondervoet zich zo goed aangepast, dat het zoolkussen van de andere tenen de functie van de reeds geamputeerde teen volledig over nam. Rick heeft nog vele jaren goed gelopen.

 

 

 Ruwharige dashond met kale oren.

 Ruwharige dashond met kale hakken.